Sint-Maarten
Historische context
Sint-Maarten valt elk jaar op 11 november. Het is geen officiële feestdag, maar een geliefde traditie in delen van Vlaanderen en Oost-België waar kinderen met lampionnen van deur tot deur trekken.
Sint-Maarten herdenkt Martinus van Tours, een Romeins soldaat uit de vierde eeuw die volgens de legende bij de stadspoort van Amiens zijn mantel in twee sneed en de helft aan een bedelaar gaf. Zijn feestdag op 11 november was in de middeleeuwen populairder dan Sinterklaas en markeerde de overgang van herfst naar winter, het slachten van vee en het betalen van jaarlijkse pachten. In de Denderstreek vervangt Sint-Maarten nog steeds grotendeels Sinterklaas als geschenkenbrenger. Sinds 2009 zijn de Sint-Maarten- en Sinterklaasgebruiken erkend als immaterieel cultureel erfgoed van Vlaanderen.
Kinderen maken op school of thuis lampionnen en trekken op de avond van 11 november (of de avond ervoor) zingend van deur tot deur. Een van de bekendste liedjes is "Sint Maarten, Sint Maarten, de koeien hebben staarten," al bestaan er tientallen regionale varianten. In ruil krijgen ze snoep, fruit of klein geld. In de Kempen en Limburg worden Sint-Maartensvuren aangestoken.
Regionale tradities
Aalst
Sint-Maarten arriveert per boot op de zaterdag voor 11 november en rijdt in een koets naar de Grote Markt. De avondlijke lichtjesstoet en de lichtwandeling (1,7 km) met licht- en kunstinstallaties trekken duizenden bezoekers. In de Denderstreek vervangt Sint-Maarten grotendeels Sinterklaas als geschenkenbrenger.
Ieper
Sint-Maarten komt per boot aan. Kinderen trekken met uitgeholde groenten als lantaarns door de stad in een avondlijke optocht. De traditie leeft sterk in de hele Westhoek.
Mechelen
Hier heet de traditie "Sinte-Mette" en worden eigen dialectliederen gezongen, zoals "Sinte-Mette van de ruggenuchte." Zowel Sint-Maarten als Sinterklaas worden in Mechelen gevierd, in tegenstelling tot Aalst waar alleen Sint-Maarten komt.
Eupen
De grootste Martinszug van Oost-België, jaarlijks sinds 1963 (eerste documentatie uit 1779). De optocht vertrekt om 18u aan de Sint-Jozefkerk met zo'n 40 soldaten, Romeinse bevoorradingswagens en drie muziekkorpsen. Op het Werthplatz wordt de mantelscène nagespeeld bij het Martinsvuur.
Malmedy
Op 10 november strijden drie wijken (banes) om het grootste Sint-Maartensvuur. De vuurstapel kan tot tien meter hoog worden, bekroond met een pop. Kinderen met lantaarns en muzikanten vormen een "cortège lumineux." Iedereen zingt het Waalse lied "L'eveuye du Sint-Martin" en danst de farandole.